Europese computerchips 2.0 op komst

18 februari 2022

Frank Maet
Senior Macro Economist @Belfius


Véronique Goossens
Chief Economist @Belfius

Deel deze pagina:  
  • Het chiptekort is nog niet meteen van de baan en blijft een kopzorg in de industrie.
  • De vraag naar halfgeleiders zal de komende jaren nog flink versnellen.
  • Met de EU Chips Act gaat Europa voluit voor een robuuste chip-productie op eigen bodem.

Al meer dan een jaar wacht mijn zoon op de Playstation 5 van Sony. De elektronicareus heeft problemen om aan de grote vraag naar spelconsoles te voldoen. Op tweedehandssites biedt men voor de schaarse exemplaren vlot het dubbele van de normale prijs. De reden: een gebrek aan halfgeleiders, beter bekend als chips. Niet alleen gamers hebben er last van. Veel sectoren kreunen onder het tekort aan computerchips. Breedbandproviders hebben geen internetrouters meer. Autofabrikanten zijn zelfs gedwongen hun fabrieken te sluiten. De zakenbank Goldman Sachs berekende dat de schaarste aan chips 169 verschillende sectoren raakt. Elke industriële sector die minstens 1 procent van zijn toegevoegde waarde spendeert aan halfgeleiders voelt het.

De wereldwijde vraag naar chips is sinds 2019 met bijna één vijfde toegenomen. We hadden door de Covid-19 pandemie om verschillende redenen een grote hoeveelheid ervan nodig: om massaal burgers te testen, om contactgevallen op te sporen, om op afstand te kunnen werken, studeren of vergaderen. Terzelfdertijd haperde het aanbod aan chips door strenge lockdowns in Azië en knelpunten in de internationale scheepvaart.

Dat tekort blijft nog een tijd duren want de capaciteit valt niet eenvoudig uit te breiden om te voldoen aan de hogere vraag. Chipmaker Intel verwacht dat de tekorten zullen blijven opduiken tot in 2023 en mogelijk daarna. Halfgeleiders zijn geen producten die gemakkelijk kunnen worden vervaardigd in massale hoeveelheden. Snel een tandje bijsteken is onmogelijk. Het duurt jaren vooraleer een nieuwe chipsfabriek kan draaien. Zo’n megafabriek, of ‘mega fab’ kost al vlot 20 miljard dollar en moet eerst grondig getest worden.

Bovendien zal het gebruik van halfgeleiders de volgende jaren versnellen, ook na de tijdelijke vraagimpuls door Covid-19. We staan pas aan het begin van de digitalisering van de economie. Technologische innovaties zoals kunstmatige intelligentie, het verwerken van ‘big data’, elektrische auto’s en 5G-netwerken zullen de behoefte nog doen toenemen. Chips zijn niet meer weg te denken uit geen elke industriële keten. De race om de meest geavanceerde halfgeleiders wordt meer en meer een race om technologisch en industrieel leiderschap.

Geen wonder dat landen bereid zijn heel wat overheidsgeld te investeren in de chipsector. De Amerikaanse regering gaat 52 miljard dollar uitgeven aan wetenschappelijk onderzoek en de ontwikkeling van halfgeleiders om China voor te blijven. Ook Zuid-Korea, Taiwan en Japan gaan vele miljarden pompen in het ontwerp en de aanmaak van ultramoderne chips.

De EU kan niet achterblijven. Tijdens de pandemie werd duidelijk hoe sterk Europa afhankelijk is van de aanvoer van halfgeleiders vanuit het buitenland. Covid-19 was een wake-up call dat de Europese chipindustrie meer op eigen benen moet staan. Met de Chips Act wil de EU het aandeel van de Europese productie tegen 2030 verdubbelen naar één vijfde van de output op wereldniveau. De Europese Commissie is van plan om 11 miljard euro aan publieke middelen toe te wijzen voor onderzoek, ontwerp en fabricage van halfgeleiders, met als doel in totaal 43 miljard euro aan publieke en private investeringen te mobiliseren. De 11 miljard euro komt uit bestaande EU-instrumenten, zoals het onderzoeksprogramma Horizon Europe en het herstelfonds (Next Generation EU), en de financiële plannen die lidstaten willen uitrollen op nationaal niveau. Het bereiken van de 43 miljard euro zal afhangen van hoe aantrekkelijk de EU wordt voor particuliere investeerders.

De Europese aanpak focust in de eerste plaats op onderzoek naar de kleinste en energiezuinigste chips. Daarin speelt het Leuvense IMEC een sleutelrol. Het onderzoekscentrum is gerenommeerd op het vlak van nano-elektronica en digitale technologie en telt al meer dan 5,000 werknemers, vaak de slimste techneuten van over heel de wereld. Met behulp van IMEC en andere onderzoeksinstituten in Nederland, Frankrijk en Duitsland wil de EU haar voorsprong op het vlak van onderzoekscapaciteit vergroten.

Europa is een relatief kleine speler als het aankomt op het ontwerpen en maken van computerchips, met amper 10 procent marktaandeel. Die stappen in het productieproces gebeuren vooral in de V.S. (design) en Taiwan en Zuid-Korea (productie). Volgens een studie van Boston Consulting Group wordt in die fases bijna 75 procent van de waarde gecreëerd. Daarom gaat de EU de ontwikkeling ondersteunen van Europese mega-fabs, in staat om in hoog volume meer geavanceerde en energie-efficiënte halfgeleiders zelf te produceren. De bouw van een mega-fab kost zoveel geld dat men rekent op een mix van Europese, nationale, regionale en particuliere financiering om de rekening te doen kloppen. Brussel overweegt om de regels voor staatssteun aan bedrijven te versoepelen als het gaat om de bouw van chipsfabrieken die de eerste zijn in hun soort.

Chips zelf gaan produceren kost dus bakken geld, maar eigenlijk is er geen andere keuze. Industriële sectoren zoals de autosector, machinebouw, telecom en de medische sector hebben nu al veel chips nodig. Door de overstap naar elektrische wagens, kunstmatige intelligentie en andere innovatiegolven zal de vraag naar complexere halfgeleiders de komende decennia alleen maar toenemen. Ook de duurzaamheidsagenda van de EU - de Green Deal – kan enkel slagen met state-of-the-art chiptechnologie. Voor de concurrentiepositie van de Europese industrie en een geslaagde transitie naar een digitale en duurzame samenleving moet Europa in het koppeloton blijven van de chip race.



Ontdek de Belfius Convictions

Deel deze pagina: